zondag 20 juli 2025 02:39

© foto: public domain
– The European Conservative, 4 juni 2025.
Het was te verwachten dat de verkiezing van Karol Nawrocki tot nieuwe president van Polen deze week tot opschudding in de media en de politieke klasse zou leiden. Zoals te verwachten was, klonken er kreten over “buitenlandse inmenging”, omdat de rechts-populistische kandidaat won.
Volgens de in Brussel gebaseerde Amerikaanse journalist Dave Keating was het de Amerikaanse president Donald Trump die Nawrocki aan de overwinning hielp, als onderdeel van Amerika's plan voor “regimewisseling in Europa”. Hij baseerde dit op het feit dat Trump Nawrocki openlijk had gesteund.
Vorige week (26-27 mei 2025; nvdvertaler) steunde de Amerikaanse minister van Binnenlandse Veiligheid, Kristi Noem, Nawrocki's campagne namens de Trump-regering tijdens “CPAC Poland”. Keating wijst erop dat het voorheen “ongehoord was dat een zittend kabinetslid in de Amerikaanse regering campagne voerde voor een oppositielid in een regering van een zogenaamde bondgenoot.” Maar als Washingtons betrokkenheid wenkbrauwen deed fronsen, was het niets vergeleken met de mogelijk veel sluwere manipulaties van veel dichter bij huis.
Natuurlijk zijn de VS lang niet de enige buitenlandse mogendheid die interesse heeft in de nieuwe president van Polen. In de aanloop naar de verkiezingen werd onthuld dat Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, zich persoonlijk had bemoeid door te proberen de electorale kansen van Nawrocki's pro-Brusselse rivaal Rafał Trzaskowski te beschermen. Trzaskowski was vanzelfsprekend de favoriete kandidaat van de Poolse premier Donald Tusk. Naar verluidt stelde ze de aankondiging van verschillende belangrijke EU-besluiten uit – waaronder nieuwe klimaatdoelen, handelsbesprekingen met Oekraïne en de handelsovereenkomst tussen de EU en Mercosur – omdat ze wist dat deze bijzonder gevoelig zouden liggen in Polen. Ze koos er ook voor om Tusks verzet tegen het bindende Migratie- en Asielpact van de EU niet publiekelijk aan te vechten, in de hoop dat hij na de verkiezingen wel zou bijdraaien.
De EU heeft haar inmenging in de verkiezingen van haar lidstaten niet onder stoelen of banken gestoken. Eerder dit jaar gaf voormalig EU-commissaris Thierry Breton openlijk toe op de Franse televisie dat Brussel grotendeels verantwoordelijk was voor het annuleren van de Roemeense presidentsverkiezingen in december vorig jaar. Het Roemeense Hooggerechtshof verhinderde de tweede stemronde, ogenschijnlijk uit angst dat de leidende kandidaat – de radicaal-rechtse euroscepticus Călin Georgescu – gecompromitteerd was door Russische inmenging. De verkiezingen werden stilgelegd en Georgescu werd volgens Breton uitgesloten van deelname, op aandringen van de EU. Alsof deze verbluffende bekentenis nog niet erg genoeg was, pochte Breton vervolgens dat “we het in Roemenië hebben gedaan en dat we het uiteraard in Duitsland zullen doen als het nodig is.”
Breton verwees hiermee duidelijk naar de bliksemsnelle opkomst van de Alternative für Deutschland (AfD) in Duitsland. Ten tijde van zijn opmerkingen waren de Duitse federale verkiezingen nog maar een maand verwijderd – en de rechts-populistische AfD stond op de tweede plaats in de peilingen. Na de verkiezingen van februari bleef de AfD de op één na grootste partij en werd ze hoe dan ook buiten de macht gehouden door een ronduit antidemocratisch ‘Cordon sanitaire’. Maar vermoedelijk zouden de Europese elites, als de partij vóór de verkiezingen een voorsprong in de peilingen had gehad, niet hebben geaarzeld om de verkiezingen te stoppen of stappen te ondernemen om deelname van de AfD te voorkomen. Zoals het er nu voor staat, lijkt de Duitse staat op het punt de partij volledig te verbieden.
In een soortgelijke vertoning om hinderlijke oppositie te wurgen legde de EU in april een boete van maar liefst 3,5 miljoen euro op aan Marine Le Pen, fractievoorzitter van Rassemblement National (RN). Dit gebeurde na haar proces voor een Franse rechtbank eerder dit jaar, waarin ze schuldig werd bevonden aan misbruik van geld van het Europees Parlement (EP) om het huishoudelijk werk van haar partij te financieren. De straf zelf was natuurlijk politiek gemotiveerd – de praktijk is uiteraard illegaal, maar naar verluidt is dit een dagelijkse praktijk voor veel andere partijen in Brussel. Het doel van de veroordeling was om Le Pen uit te sluiten van deelname aan de volgende Franse presidentsverkiezingen in 2027. De EU probeerde vervolgens het RN verder te verlammen door te eisen dat de toch al financieel kwetsbare partij nog meer geld zou ophoesten bovenop de ongeveer 1 miljoen euro die ze al aan juridische kosten en schadevergoeding had betaald.
In Hongarije, een van de grootste doornen in het oog van de EU, heeft Brussel ook stappen gezet om het democratische proces te beïnvloeden. Het Duitse Europarlementslid Manfred Weber, leider van de centrumrechtse fractie van de Europese Volkspartij (EVP) in het EP, heeft duidelijk gemaakt dat de Europese elite erop rekent dat de Hongaarse oppositie de huidige premier Viktor Orbán bij de komende verkiezingen van 2026 zal onttronen. In een toespraak tot de plenaire vergadering in Straatsburg in oktober 2024 verklaarde Weber vol vertrouwen dat, “zoals Tusk erin slaagde Kaczyński te verslaan” bij de Poolse parlementsverkiezingen van 2023, “zo zal Péter Magyar ook Viktor Orbán verslaan; Péter Magyar is de toekomst.”
En als Magyar er niet in slaagt Orbán in 2026 te verslaan? Brussel zou dan wel eens een tandje kunnen bijsteken in haar interventies. Tijdens de Hongaarse verkiezingen in 2022 werd de EU er ronduit van beschuldigd de uitslag indirect te proberen te beïnvloeden – met name via de royale financiering van ngo's, mediaplatforms en activistische netwerken die vijandig stonden tegenover de Fidesz-regering. De Hungarian Conservative meldde destijds dat groepen zoals Action for Democracy geld naar Hongarije sluisden in een mislukte poging een regimewisseling te bewerkstelligen. Ondanks dit alles won Orbán uiteindelijk.
Dit soort strategie is geïnstitutionaliseerd door mechanismen zoals de Digital Services Act (DSA) en het zogenaamde European Democracy Shield – beide gepresenteerd als instrumenten ter verdediging van de democratie, maar in de praktijk stellen ze Brussel in staat om de meningsuiting te controleren, dissidente media te marginaliseren en selectieve druk op regeringen die zich verzetten tegen haar agenda te rechtvaardigen. Het doel is niet langer om alleen oppositiepartijen te steunen, maar om het hele politieke speelveld te kneden om ervoor te zorgen dat ze winnen.
Dit soort inmenging speelt zich af over het hele continent. Een rapport van MCC Brussel eerder dit jaar, getiteld “The EU's Propaganda Machine: How the EU funds NGOs to promote itself” (“De propagandamachine van de EU: hoe de EU ngo's financiert om zichzelf te promoten”(**), onthulde hoe verderfelijk de pogingen van de EU om het politieke narratief te controleren werkelijk zijn. De Europese Commissie financiert in stilte een ecosysteem van niet-gouvernementele organisaties en denktanks binnen het blok om haar eigen ideologische agenda te promoten – vaak met belastinggeld. Deze organisaties promoten agressief pro-Brusselse narratieven en ondermijnen tegelijkertijd conservatieve, populistische en eurosceptische partijen in de lidstaten. Initiatieven zoals het RevivEU-project, dat tot doel heeft “het eurosceptische narratief van autocratische elites in heel Europa te bestrijden”, en subsidies aan federalistische jongerenbewegingen zoals de Young European Federalists te geven zijn slechts enkele voorbeelden die in het huiveringwekkende rapport worden genoemd.
Dit alles past in een bekend patroon: als je de populisten niet kunt verslaan, verbied ze dan. Of maak het op zijn minst bijna onmogelijk voor hen om te blijven bestaan. Of het nu Breton is die overweegt over welke Europese verkiezingen hij nu moet saboteren, of Brussel dat geld pompt in propaganda-NGO's, de boodschap van de Europese heersende klasse is overduidelijk: sommige politieke overtuigingen zijn meer aanvaardbaar dan andere. En wanneer er ergens de ‘verkeerde’ kandidaat ook maar in de buurt komt van een verkiezingsoverwinning, heeft de EU er geen moeite mee om de democratie te omzeilen om haar ideologische hegemonie te versterken.
Dit is precies waarom het zo absurd is om verontwaardiging te veinzen over de Amerikaanse betrokkenheid bij de Poolse verkiezingen. Natuurlijk zou alleen het Poolse volk moeten kunnen beslissen wie het wil besturen. Maar de EU heeft jarenlang geprobeerd de politieke toekomst van het hele continent naar eigen inzicht vorm te geven. Als buitenlandse inmenging de zorg is, is Brussel verreweg de grootste boosdoener.
Origineel artikel: Lauren Smith, The European Conservative, 4 juni 2025
** Vertaler zal proberen dit (lange) document in het nederlands op DWM te krijgen. Lees ook op DWM: “Brusselse EU-mediamachine beïnvloedt publiek debat“, 23/7/2025
Vertaald van Strategic-Culture.su, 4 juni 2025: “Who's really meddling in European democracy?”
Herpublicatie van teksten van Strategic Culture is toegelaten en wordt zelfs aangemoedigd.
“Strategic-Culture is funded in whole or in part by the government of Russia” (E. Musk; M. Zuckerberg; S. Pichay)
“Strategic-Culture is CENSORED in the EU” (H.R.H. U. v/d Lügen, J. Borrell, K. Kallas)
Dit stuk werd aanvankelijk gepost in de “Community”-sectie van DeWereldMorgen.be en aldaar met een niet te vatten redactionele willekeur ondeskundig verwijderd eind september 2025.